De Raad van State heeft op 21 januari 2026 geoordeeld dat de gemeente Tiel coffeeshop Cobra onterecht heeft gesloten in de zomer van 2023. De hoogste bestuursrechter stelt dat sluiting meer dan een jaar na constatering van een overtreding van de gedoogcriteria niet meer geschikt is om de beoogde doelen te bereiken.
De juridische procedure begon in juni 2022, toen de politie bij een controle in totaal 1.713 gram wiet aantrof bij de coffeeshop aan de Tolhuisstraat. De politie trof 463,4 gram aan in de verkoopruimte, 340 gram in een bevoorradingstas, 764,4 gram in een garage en 145,46 gram in de bovenwoning. Een coffeeshop mag 500 gram voorraad hebben.
Toenmalig burgemeester Hans Beenakker legde in juli 2023 een sluiting van zes weken op. Dit was een jaar na de geconstateerde overtreding. De coffeeshop was eerder al gewaarschuwd na een controle in september 2021, waarbij 924,6 gram werd aangetroffen.
Handelsvoorraad omvat ook externe opslagruimtes
De Raad van State erkent dat de gemeente en politie terecht de wiet in de bevoorradingstas, garage en bovenwoning hebben meegeteld als handelsvoorraad. Er bestond volgens de rechter een directe relatie tussen de coffeeshop en de aangetroffen voorraad in deze ruimtes. De woning bevatte de afzuiginstallatie van de coffeeshop en de garage werd bediend met een afstandsbediening uit de zaak.
De eigenaar van coffeeshop Cobra betwistte dit en sprak van een “heksenjacht”. Hij stelde dat de wiet buiten de verkoopruimte niet tot de handelsvoorraad gerekend konden worden. De Raad van State oordeelde echter dat de wiet kennelijk bestemd waren voor verkoop in de coffeeshop en daarom redelijkerwijs tot de handelsvoorraad behoorden.
Tijdsverloop maakt handhaving ongeschikt
De Raad van State stelt de gemeente Tiel op een cruciaal punt in het ongelijk. De burgemeester had moeten beoordelen of sluiting een jaar na de overtreding nog een geschikt middel was om de beoogde doelen te bereiken. Door het tijdsverloop was de situatie ter plaatse al hersteld en waren de negatieve effecten van de overtreding ongedaan gemaakt.
De gemeente voerde aan dat sluiting nodig was vanwege de veiligheid van de omgeving en als signaal naar andere coffeeshophouders. De Raad van State oordeelt dat alleen het afgeven van een signaal, zonder verdere kenbare omstandigheden, onvoldoende is voor sluiting. De bestuurlijke rapportage bevatte geen informatie over de impact van de overtreding op de omgeving.
Het is overigens niet de eerste keer dat de gemeente Tiel het bij de Raad van State verliest op een coffeeshopdossier. In 2025 oordeelde de Raad van State dat de sluiting van coffeeshop Lamar aan de Ambtmanstraat onrechtmatig leek, omdat de rapportage niet tijdig en volledig was aangeleverd.










